18 maart 2009
De Ombudsman wordt niet vrolijker met het voortgaan der jaren: de overheid verliest de burger uit het oog, de overheid bejegent de burger kil en ruw, de overheid sluit de burger in de ketens. Alex Brenninkmeijer: 'Als mens ben je in je eentje, de overheid is honderden delen'. Het is niet allemaal kommer en kwel; hij ziet ook vooruitgang. 'De overheid staat meer dan vroeger open voor kritiek; er zijn diensten die het nu gewoon goed doen, zoals de IND en de Sociale Verzekeringsbank. Het kan dus wel'. Als je genoeg op je falie krijgt, wil je dat voortaan toch beter doen, blijkbaar. De minister-president is meestal niet erg gelukkig met de uitspraken van Brenninkmeijer, maar die vind het best en zegt wat hij denkt dat gezegd moet worden en laat zich niet de mond snoeren. 'Ik heb vorig jaar een gevoelige snaar geraakt, dat bleek. Ik schreef dat de staat medeschuldig was aan de verruwing van de samenleving. Dat viel verkeerd. Ach, een rimpeling in de vijver'. Maar wel waar, dacht hij er waarschijnlijk onmiddellijk bij. Gisteren bood Brenninkmeijer de Tweede Kamer zijn verslag over 2008 aan. En het lijkt er niet vrolijker op te worden: hij schetst een erg somber beeld van burgers die verstrikt raken in de ketens van de overheid. Die lijdensweg voltrekt zich volgens een vast patroon. De burger voelt zich onmachtig, is een nummer, krijgt vaak een computer aan de telefoon, wordt van het kastje naar de muur gestuurd en nooit is er iemand verantwoordelijk.
